Jaarverslag
In het jaarverslag blikken we terug op het afgelopen jaar.
DNS is op meerdere fronten in beweging met als doel de transitie te maken naar toekomstbestendig onderwijs. Er is ingezet op de bevordering van kansengelijkheid, basisvaardigheden, het doen van onderzoek, de inrichting van de arbeidsorganisatie en de realisatie van een passend gebouw.
Huisvesting
In de zomer van 2025 is de school verhuisd naar de tijdelijke locatie op de Prof. Goossenslaan 1-02 in Tilburg. Dit gebouw voldoet prima aan de eisen voor tijdelijke huisvesting en biedt zelfs mogelijkheden om te wennen aan het werken in huiskamers, zoals dat in het nieuwe gebouw ook het geval gaat zijn. Het definitieve ontwerp voor het nieuwe gebouw aan de Sint Josephstraat was eind 2025 nagenoeg gereed. Daarnaast lopen voorbereidende processen zoals de sloop van de te slopen gebouwen aan de Sint Josephstraat. De omwonenden zijn zorgvuldig meegenomen in de ontwikkelingen.
Het proces verloopt volgens planning en de school voorziet in de zomer van 2028 te kunnen terugverhuizen naar de Sint Josephstraat waar dan een gebouw staat dat naadloos aansluit bij de wensen en eisen vanuit het onderwijsconcept.
De organisatie in ontwikkeling
De transformatie naar een teamgecentreerde arbeidsorganisatie (TAO) is een bewuste en beargumenteerde keuze geweest. De ontwikkeling van de leerling centraal stellen betekent de arbeidsorganisatie veranderen. Typerend aan een TAO is dat een team van 7-9 experts en mentoren in gezamenlijkheid verantwoordelijk is voor de gehele ontwikkeling van een groep leerlingen gedurende twee tot drie jaar. Het doel hiervan is dat experts en mentoren niet alleen een beeld krijgen van de ontwikkeling van de leerling voor hun eigen vak maar ook van de totale ontwikkeling van de leerling. Hierdoor wordt het beter mogelijk langjarig de leerling te begeleiden in diens volledige ontwikkelproces. In 2025 hebben teams zich verder ontwikkeld in samenwerking en ontwikkeling van een feedbackcultuur.
Kansen voor alle leerlingen
Op DNS zitten leerlingen in brede heterogene brugklassen waar alle ze minimaal twee jaar de tijd krijgen om zich te ontwikkelen en te laten zien waar ze staan. Onderwijsonderzoek heeft aangetoond dat kinderen het best leren wanneer het stellen van hoge verwachtingen aan leerlingen gepaard gaat met goede inhoudelijke feedback. Deze feedback moet verbonden zijn aan informatie over wat te doen om zich te ontwikkelen (feedforward) en welk concreet gedrag daarbij hoort (feedup). Leerlingen krijgen inhoudelijke feedback op hun vorderingen aan de hand van heldere succescriteria. Deze succescriteria zijn helder geformuleerd in concreet waarneembaar gedrag en zorgen ervoor dat de leerling weet waar hij/zij naartoe werkt. Hierover vinden periodiek gesprekken met de leerlingen en hun ouders plaats. Om ouders ook mee te nemen in deze andere wijze van benaderen (want veel ouders zijn gewend aan het geven van cijfers) werkt de school met een digitaal platform, Feedbackfolio, waarin de ontwikkeling zichtbaar gemaakt wordt en elke periode per leergebied/gereedschapsvak een niveau-inschatting wordt gegeven (mavo/havo/vwo). De school werkt met een ouderaccount naast het leerlingenaccount. Ouders worden de eerste ouderavond meteen geïnformeerd over het hoe en waarom van de werkwijze.
Werkgeverschap
Kansen bieden aan leerlingen betekent voor DNS ook kansen bieden aan medewerkers. De school zet fors in op persoonlijk leiderschap. Zo is gestart met een schoolbreed scholingstraject ‘didactisch coachen’, hebben vier leidinggevenden en acht leraren deelgenomen aan het UCD-traject “design-thinking in het onderwijs”, en volgen verschillende (groepen van) leraren en OOP scholing op maat. De school biedt medewerkers de mogelijkheid om gebruik te maken van ondersteuning van een coach, psycholoog of fysiotherapeut of om wekelijks yoga te doen, alles vergoed door de school.
De school zet zoveel als mogelijk in op loopbaan- en ontwikkelmogelijkheden voor medewerkers.
Ontwikkelingen in de bovenbouw
In 2025 heeft het bovenbouwteam een start gemaakt met het vertalen en doorvoeren van bovenstaande ontwikkelingen naar de bovenbouw. Daarnaast heeft de nadruk gelegen op het verbeteren van de examenresultaten, die in 2025 minder voor havo en vwo goed waren dan de school wil. Een gedegen verbeterplan is vanaf het nieuwe schooljaar van kracht.
Basisvaardigheden
De school ontvangt vanaf september 2025 subsidie basisvaardigheden en zet daarmee onverminderd in op de versteviging van de basisvaardigheden. Een projectleider is aangesteld en er ligt een ambitieus plan, waarbij in de volle breedte op basisvaardigheden wordt ingezet.
Duurzaamheid
De school is lid van Eco-schools. Dat betekent dat leerlingen binnen de school nadenken over hoe de school duurzamer gemaakt kan worden en daarover met de schoolleiding in gesprek gaan. Dat heeft geleid tot de aanschaf van afvalbakken voor gescheiden afvalverzameling en een beleid aangaande duurzame voeding. Zo is er voor de leerlingen “meatless Monday” en is het beleid van de school om voor medewerkers enkel vegetarisch eten te serveren in -door de school bekostigde- gezamenlijke lunches bij studiedagen en andere schoolbrede activiteiten.
De school kent vanaf het nieuwe schooljaar het beleid “ieder zijn eigen beker” en in het technisch ontwerp van het nieuwe gebouw zijn veelvuldig duurzame keuzes gemaakt.
(Regionale) samenwerking
De school werkt samen met Fontys Educatie en FHICT.
De school heeft een Raad van Advies en een wetenschappelijke Adviesraad. Hierin zitten vier wetenschappers die fungeren als klankbord voor de school over de kwaliteit van het onderwijs.
De school werkt samen met diverse hogescholen en universiteiten. Zo participeert de school in het onderzoek van het Kohnstamminstituut in samenwerking met de UvA naar brede brugklassen, en in het onderzoek van Paradox van de Erasmusuniversiteit naar opvoedstijlen en mentale gezondheid.
Binnen het PGP van de mavo is samenwerking met diverse partners uit bedrijfsleven en publieke sector.
Er lopen diverse samenwerkingsafspraken met Omo Sg De Langstraat. Deze samenwerking ligt op het terrein van bedrijfsvoering en gezamenlijke professionalisering.